Statuten

2015B42405WB
N6043
STATUTENWIJZIGING

Heden, de negen en twintigste maart tweeduizend zestien, verscheen voor mij,
Mr ANNE JACOBUS BLOKHUIS, notaris gevestigd te IJsselstein:
de heer JAN LODEWIJK WILLEM MARIE VAN DE VEN, geboren te Tegelen op acht mei negentienhonderd vijf en vijftig (Nationaal Paspoort nummer: NW3B65PF0, geldig tot vier en twintig juni tweeduizend achttien), wonende te 3705 AT Zeist, Guido Gezellelaan 8, gehuwd.

De comparant verklaarde:
- dat de algemene vergadering van de onderlinge waarborgmaatschappij:
DE LUCHTVAART ONDERLINGE W.A., statutair gevestigd te Hengelo, kantoorhoudende Vlierhof 20 te 6951 MH Dieren, ingeschreven in het handelsregister onder nummer 06044273, deze onderlinge waarborgmaatschappij hierna genoemd: het fonds, op drie en twintig maart tweeduizend zestien heeft besloten tot het algeheel wijzigen van de statuten van het fonds;
- dat hij, comparant, door gemelde vergadering werd gemachtigd de akte van statutenwijziging te doen verlijden en te ondertekenen, blijkende van gemeld besluit en gemelde machtiging uit een aan deze akte gehechte kopie van de notulen van gemelde vergadering;
- dat de statuten van het fonds laatstelijk zijn gewijzigd bij akte op vijf november negentienhonderd negentig verleden voor notaris Mr C.B.J.C.A. van Dongen te Veldhoven.

Vervolgens verklaarde de comparant naar aanleiding van gemeld besluit en ter uitvoering daarvan hierbij te constateren dat de statuten van het fonds zijn gewijzigd en opnieuw vastgesteld als volgt:
Naam en zetel

Artikel 1
1. Het Fonds is een onderlinge waarborgmaatschappij, opgericht op een december negentienhonderd zeventig en draagt de naam:
DE LUCHTVAART ONDERLINGE W.A.
2. Het Fonds is gevestigd te Hengelo (O) en is aangegaan voor onbepaalde tijd.
3. Het Fonds wordt in deze statuten en de uit de kracht daarvan vast te stellen regelementen en tarieven aangeduid als: het Fonds.

Werkgebied
Artikel 2
2
1. Het Fonds strekt zijn werkgebied uit over Europa.
2. In bijzondere gevallen, naar het oordeel van het bestuur, kan ook dekking buiten Europa worden geboden.

Doel
Artikel 3
1. Het Fonds stelt zich ten doel zijn leden op onderlinge grondslag te verzekeren tegen schade aan (motor)zweefvliegtuigen op basis van de door het Fonds, ingevolge artikel 23 van deze statuten, vastgestelde verzekeringsvoorwaarden.
2. Het Fonds kan bemiddeling verlenen bij het afsluiten van andere verzekeringen en/of overige financiële diensten en producten.
3. Het Fonds stelt zich voorts ten doel al hetgeen te verrichten dat met het voorgaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, een en ander in de ruimste zin.

Lidmaatschap
Artikel 4
Leden van het Fonds zijn uitsluitend degenen, die een of meer verzekeringen bij hem hebben lopen, niet zijnde bemiddelingsproducten. Uitsluitend in Nederland woonachtige natuurlijke personen en in Nederland gevestigde rechtspersonen kunnen lid van het Fonds worden/zijn.

Artikel 5
Na beëindiging van het lidmaatschap heeft het betrokken lid generlei aanspraak op de reserves van het Fonds. Ingeval van beëindiging door royement van de verzekering(en) is het lid gehouden tot betaling van de premies en omslagen geheven over het boekjaar waarin het royement plaatsvindt.

Boekjaar en jaarrekening
Artikel 6
1. Het boekjaar van het Fonds loopt van een januari tot en met een en dertig december.
2. Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar - behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste vijf maanden door de algemene vergadering op grond van bijzondere omstandigheden - maakt het bestuur een jaarrekening op, die aan de algemene vergadering ter vaststelling wordt voorgelegd. De jaarrekening gaat vergezeld van de verklaring van de accountant, bedoeld in lid 3, zo de daar bedoelde opdracht is verstrekt, van het jaarverslag en van de in artikel 2:392 Burgerlijk Wetboek bedoelde overige gegevens, echter, voor wat de overige gegevens betreft, voor zover het daar bepaalde op het Fonds van toepassing is. De jaarrekening wordt ondertekend door alle leden van het bestuur. Ontbreekt de ondertekening van één of meer van deze, dan wordt daarvan onder opgaaf van de reden melding gemaakt.
3. Indien het Fonds daartoe verplicht is of indien de algemene vergadering zulks besluit, verleent de algemene vergadering aan een registeraccountant of aan een accountant-administratieconsulent opdracht om de door het
bestuur opgemaakte jaarrekening te onderzoeken overeenkomstig het bepaalde in artikel 2:393 lid 3 Burgerlijk Wetboek. De accountant brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan het bestuur en geeft de uitslag van zijn onderzoek in een verklaring weer. Indien deze is ingesteld, onderzoekt de ingevolge artikel 17 benoemde kascommissie de in lid 2 bedoelde jaarrekening. Van haar bevindingen brengt zij verslag uit aan de algemene vergadering. De kascommissie kan zich doen bijstaan door een door deze, in overleg met het bestuur, aan te wijzen financieel deskundige.
4. Het bestuur zorgt dat de opgemaakte jaarrekening, het jaarverslag en de in lid 2 bedoelde overige gegevens ten kantore van het Fonds voor de leden ter inzage liggen en voorts vanaf de dag der oproeping tot de algemene vergadering, bestemd tot hun behandeling, ten kantore van het Fonds aanwezig zijn.

Algemene vergadering
Artikel 7
1. De algemene vergadering wordt gevormd door de leden.
2. Er wordt ten minste eenmaal per jaar een (gewone) algemene vergadering gehouden en wel vóór de eerste juli van ieder jaar.
3. In deze vergadering wordt:
a. door het bestuur verslag uitgebracht betreffende de toestand van het Fonds;
b. de jaarrekening ter goedkeuring voorgelegd;
c. besloten over decharge van het bestuur voor het in het afgelopen boekjaar gevoerde beleid;
d. voorzien in de vacatures van het bestuur en commissieleden;
e. op voordracht van het bestuur de definitieve premie over het afgelopen boekjaar en de voorschotpremie voor het lopend boekjaar vastgesteld;
f. op voordracht van het bestuur het voor het lopend boekjaar geldend percentage voor de hoogte van de ledenrekening vastgesteld;
g. al datgene besproken, wat door of met toestemming van het bestuur verder ter tafel wordt gebracht.
4. De oproeping geschiedt door schriftelijke mededeling aan de leden, zulks met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen. Bij de oproeping worden de te behandelen agenda en de overige vergaderstukken meegezonden.

Artikel 8
1. Indien het bestuur daartoe besluit zal een buitengewone vergadering worden gehouden op een door het bestuur te bepalen plaats en tijd.
2. Indien ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte van de stemmen in de algemene vergadering schriftelijk de wens te kennen geven tot het houden van een zodanige vergadering zal het bestuur deze bijeenroepen op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek, met inachtneming van de in artikel 7 lid 4 vermelde formaliteiten.
3. Blijft het bestuur in gebreke de in het vorig lid bedoelde vergadering binnen veertien dagen na het verzoek daartoe bijeen te roepen, dan kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan, alles met inachtneming van de formaliteiten als omschreven in artikel 7 lid 4.
4. De verzoekers kunnen anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van een op grond van lid 3 opgeroepen algemene vergadering.

Artikel 9
1. Stemming over personen geschiedt schriftelijk. Over zaken wordt mondeling gestemd tenzij de vergadering anders beslist.
2. Een ter vergadering afwezig lid kan zich door een meerderjarige huisgenoot of door een medelid met schriftelijke volmacht doen vertegenwoordigen. Een ter vergadering aanwezig lid kan slechts één afwezig lid met schriftelijke volmacht vertegenwoordigen.
3. Ieder aanwezig lid of vertegenwoordigd lid brengt, per door het betreffende lid bij het Fonds verzekerd object, één stem uit. Blanco stemmen worden beschouwd als niet uitgebracht.
4. Bij voorziening in vacatures maakt het bestuur voor elke vacature een niet-bindende voordracht op, bevattende -zo mogelijk- twee namen.
5. Wordt bij verkiezing van bestuursleden gedurende de eerste stemming geen meerderheid van de uitgebrachte stemmen verkregen, dan wordt een tweede vrije stemming gehouden. Wordt ook dan geen meerderheid van de uitgebrachte stemmen verkregen, dan volgt een stemming tussen de personen, die bij de vorige stemming de meeste stemmen op zich verenigden, zonodig na een tussenstemming.
6. Voor het overige worden besluiten genomen bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen, behalve in gevallen waarin deze statuten een andere meerderheid eisen.
7. Bij staking van stemmen beslist de voorzitter, bij stemming over personen echter het lot.
8. De algemene vergadering kan geen besluiten nemen ten aanzien van punten die niet op de agenda zijn vermeld.

Bestuur
Artikel 10
1. Het bestuur bestaat uit minimaal drie en maximaal zeven personen door de algemene vergadering al dan niet uit de leden gekozen. Van het bestuur mogen de leden elkaar niet bestaan in de eerste of tweede graad van bloed- of aanverwantschap.
2. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een vicevoorzitter, een secretaris en een penningmeester, tezamen in dezelfde functies het dagelijks bestuur vormende dat belast is met de dagelijkse leiding van het Fonds. Het dagelijks bestuur voert de besluiten van het bestuur en de algemene vergadering uit.
3. Jaarlijks treden op de algemene vergadering twee bestuursleden, waarvan één lid van het dagelijks bestuur, af volgens een door het bestuur op te maken rooster. De aftredenden zijn onmiddellijk herkiesbaar onverminderd het bepaalde in artikel 11.
4. In tussentijdse vacatures wordt in de eerstvolgende algemene vergadering voorzien. Indien er meer dan één tussentijdse vacatures ontstaan, is het bestuur verplicht een buitengewone algemene vergadering bijeen te roepen op een termijn van niet langer dan vier weken na het ontstaan van de laatste vacature. Het bestuurslid dat in een tussentijdse vacature wordt gekozen, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij werd gekozen volgens rooster had moeten aftreden.
5. Bestuursleden kunnen te allen tijde door de algemene vergadering worden geschorst en ontslagen.

Artikel 11
Tenzij de algemene vergadering - op voordracht van het bestuur - anders besluit, eindigt het lidmaatschap van het bestuur doordat het betrokken bestuurslid failliet wordt verklaard, aan het bestuurslid surséance van betaling is verleend, het bestuurslid onder curatele wordt gesteld of op andere wijze het vrije beheer over diens vermogen verliest.

Artikel 12
Het bestuur is belast met de algemene leiding van het Fonds en met de zaken die het bij de statuten en de verzekeringsvoorwaarden wordt opgedragen.

Artikel 13
1. Het bestuur en voorts twee leden van het dagelijks bestuur tezamen zijn bevoegd het Fonds te vertegenwoordigen.
2. Indien een bestuurslid een overeenkomst met het Fonds sluit of wijzigt, alsmede indien een bestuurslid in privé enigerlei procedure tegen het Fonds voert, kan de algemene vergadering een of meer personen aanwijzen om het Fonds te vertegenwoordigen.

Artikel 14
1. Het bestuur en het dagelijks bestuur vergaderen zo vaak als de voorzitter dit noodzakelijk acht, maar ten minste eenmaal per kwartaal. Indien drie of meer bestuursleden schriftelijk aan de voorzitter de wens te kennen geven tot het houden van een vergadering, is deze verplicht binnen vijf dagen een vergadering te doen uitschrijven met inachtneming van een termijn van ten hoogste acht dagen.
2. Vergaderingen worden in opdracht van de voorzitter uitgeschreven met inachtneming van een termijn van drie werkdagen, behalve in spoedeisende gevallen.
3. Mocht de voorzitter weigeren of in gebreke blijven zodanige vergadering te doen houden, dan zullen drie of meer bestuursleden zelf die vergadering kunnen bijeenroepen met inachtneming van een termijn van ten minste drie werkdagen.
4. De bijeenroeping zal steeds behelzen een opgave van plaats en tijd van de vergadering, alsmede een opgave van de te behandelen onderwerpen.
5. Onderwerpen die niet op de agenda zijn geplaatst, kunnen te allen tijde worden behandeld, doch besluiten zullen in dat geval slechts kunnen worden genomen nadat de ontbrekende bestuursleden over de onderwerpen zijn gehoord.

Artikel 15
1. Besluiten van het bestuur en het dagelijks bestuur worden genomen bij meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen beslist de voorzitter.
2. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van het Fonds. Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door de algemene vergadering.
Artikel 16
1. De bestuursleden hebben het recht hun onkosten ten behoeve van het Fonds gemaakt, uit de kas van het Fonds te doen betalen.
2. Het bestuur stelt de hoogte van de vergoeding van de bestuursleden vast.

Kascommissie
Artikel 17
1. Indien het Fonds verplicht is een in artikel 6 lid 3 van deze statuten bedoelde accountant de daar bedoelde opdracht te verlenen, heeft de algemene vergadering de bevoegdheid om uit de leden een kascommissie bestaande uit drie personen te benoemen. Indien de maatschappij niet verplicht is een in artikel 6 lid 3 van deze statuten bedoelde accountant de daar bedoelde opdracht te verlenen, is de algemene vergadering verplicht om uit de leden een kascommissie bestaande uit drie personen te benoemen.
2. Jaarlijks treedt één lid af volgens een door de kascommissie opgemaakt rooster. Dit lid is niet terstond herkiesbaar. Degene die wordt gekozen ter vervulling van een tussentijdse vacature, treedt af op het tijdstip waarop zijn voorganger had moeten aftreden.
3. De kascommissie van het Fonds vervult tevens de rol van interne audit, zulks conform de instructie in het hierna te noemen huishoudelijk reglement van het Fonds.

Werkwijze van het Fonds; premies en inleggeldenArtikel 18
1. Aan het begin van elk boekjaar wordt van ieder lid ter dekking van schaden en kosten een (voorschot)premie geheven naar een tarief, dat op voorspraak van het bestuur door de algemene vergadering wordt vastgesteld.
2. Met betrekking tot de premies voor verzekeringen die in de loop van een boekjaar beginnen, wordt de premie tot het einde van het boekjaar naar evenredigheid berekend.
3. De algemene vergadering kan op voorstel van het bestuur besluiten een inleggeld van nieuwe leden te heffen.
Werkwijze van het Fonds; verwerking voordelig saldo

Artikel 19
1. Indien het totaal van de over een boekjaar ontvangen baten een overschot boven de lasten mocht opleveren, hebben de leden recht op dit overschot, naar evenredigheid van hun aandeel in de premie over het afgelopen boekjaar, tenzij de algemene vergadering op voorstel van het bestuur besluit (een deel van) dit overschot toe te voegen aan de algemene reserve.
2. De algemene reserve kan door het bestuur worden gebruikt om tot een spoedige uitkering van schadevergoedingen te geraken en/of ter vermijding van kleine en/of herhaalde omslagen.
Werkwijze van het Fonds; ledenrekeningen

Artikel 20
1. Elke individuele ledenrekening weerspiegelt een percentage van de waarde van de door het lid bij het Fonds verzekerde objecten. Bedoeld percentage wordt op voordracht van het bestuur jaarlijks door de algemene vergadering vastgesteld.
2. Een aan een lid te restitueren overschot wordt aan hem uitgekeerd door tegoedschrijving op de ledenrekening ten name van het betreffende lid, tenzij de algemene vergadering op voorstel van het bestuur besluit tot een andere wijze van verrekening.
3. Elke betaling van een ledenrekening voor andere doeleinden dan voor individuele opzegging van het lidmaatschap, vindt niet eerder plaats dan dertig dagen na melding ervan aan De Nederlandsche Bank N.V. Deze kan tegen een voorgenomen betaling bedenkingen naar voren brengen, aan welke bedenkingen het Fonds tegemoet dient te komen.
4. Voor zover de Wet op het financieel toezicht dat toestaat, wordt bij beëindiging van het lidmaatschap het aandeel in de ledenrekening van het betrokken lid met hem vereffend binnen een jaar na afloop van het boekjaar, waarin of waarmee het lidmaatschap eindigt.
5. Omslagen als bedoeld in artikel 21 kunnen van het aandeel in de ledenrekening worden afgeboekt.
6. In geval van liquidatie van de onderneming kan vereffening van de leden rekening eerst plaatsvinden, nadat alle andere schulden zijn voldaan.
7. Over de aandelen in de ledenrekening wordt jaarlijks een rente vergoed, waarvan het percentage jaarlijks door de algemene vergadering op voorstel van het bestuur wordt vastgesteld.
8. De bepalingen van dit artikel kunnen slechts worden gewijzigd met instemming van De Nederlandsche Bank N.V.

Werkwijze van het Fonds; verwerking nadelig saldo
Artikel 21
1. Indien de premies en andere inkomsten over het boekjaar niet voldoende zijn voor de betaling van de schaden en kosten, besluit het bestuur:
a. het nadelig saldo geheel of gedeeltelijk ten laste van de algemene reserve te brengen; en/of
b. dit nadelig saldo geheel of gedeeltelijk om te slaan over alle leden en degenen, die in het afgelopen boekjaar opgehouden hebben lid te zijn, naar evenredigheid van hun aandeel in de premie over het afgelopen boekjaar; en/of
c. de sub b bedoelde omslag eerst te verrekenen met een eventueel aanwezig saldo op de ledenrekeningen. Hierbij is het bepaalde in artikel 20 lid 3 van overeenkomstige toepassing. Indien De Nederlandsche Bank N.V. op grond van voornoemd artikel deze verrekening niet toestaat, wordt het nadelig saldo op de sub a bedoelde wijze verwerkt.
2. Het besluit van het bestuur als bedoeld in lid 1 kan worden uitgevoerd tenzij door de algemene vergadering binnen dertig dagen na het bestuursbesluit, met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, een andersluidend besluit tot het dekken van het nadelig saldo is genomen.

Verjaring
Artikel 22
Alle vorderingen van een lid jegens het Fonds vervallen na verloop van vijf jaren, nadat de beslissing van het Fonds definitief is vastgesteld.

Huishoudelijk reglement
Artikel 23
1. De verzekeringsvoorwaarden worden door de algemene vergadering vastgesteld en zijn neergelegd in het huishoudelijk reglement.
2. Het huishoudelijk reglement kan door de algemene vergadering worden gewijzigd krachtens een besluit, genomen met een gewone meerderheid van de uitgebrachte stemmen, nadat de voorgestelde wijzigingen ter kennis van de leden zijn gebracht.

Wijziging statuten
Artikel 24
1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd, indien daartoe wordt besloten in een algemene vergadering, met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, nadat de voorgestelde wijziging:
a. ter kennis van de leden is gebracht;
b. gedurende vijf dagen onmiddellijk voorafgaande aan de algemene vergadering op het kantoor van het Fonds ter inzage heeft gelegen;
c. op de agenda staat vermeld.
2. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte van statutenwijziging is ieder bestuurslid bevoegd.

Ontbinding van het Fonds
Artikel 25
1. Het Fonds wordt ontbonden:
a. indien daartoe wordt besloten door de algemene vergadering. Indien tot ontbinding wordt besloten, wordt door de algemene vergadering één of meer personen tot vereffenaars benoemd;
b. door zijn insolventie nadat hij in staat van faillissement is verklaard, of door de opheffing van het faillissement wegens de toestand van de boedel;
c. door het geheel ontbreken van leden;
d. door de rechter in de gevallen in de wet bepaald.
2. Het in lid 1 sub a van dit artikel bedoelde besluit kan slechts worden genomen in een speciaal daartoe bijeengeroepen algemene vergadering waarin ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen. Indien ter vergadering niet ten minste de helft van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel, zoals dat in de eerste vergadering aan de orde is geweest, een besluit kan worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen, ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden.
3. Indien bij ontbinding van het Fonds blijkt dat zijn bezittingen zijn schulden overtreffen, stelt de algemene vergadering de bestemming van dit batig saldo vast.

Aansprakelijkheid bij ontbinding
Artikel 26
1. Zij die bij de ontbinding van het Fonds lid zijn of minder dan een jaar te voren hebben opgehouden lid te zijn, zijn tegenover het Fonds naar de in artikel 21 lid 1 sub b genoemde maatstaf voor een tekort aansprakelijk. Wordt het Fonds ontbonden door zijn insolventie nadat hij in staat van faillissement is verklaard, dan wordt de termijn van een jaar niet van de dag van de ontbinding, maar van de dag van de faillietverklaring gerekend.
2. Kan op één of meer leden of oud-leden hun aandeel in het tekort niet worden verhaald, dan zijn voor het ontbrekende de overige leden of gewezen leden aansprakelijk naar de maatstaf hiervoor vermeld.
3. De in lid 2 bedoelde aansprakelijkheid bestaat ook indien de vereffenaars afzien van verhaal op een of meer leden of oud-leden, op grond dat door de uitoefening van het verhaalsrecht een bate voor de boedel niet zou worden verkregen. Indien de vereffening geschiedt onder toezicht van personen, door de wet met dat toezicht belast, kunnen de vereffenaars van dat verhaal slechts afzien met machtiging van deze personen.
4. De aansprakelijke leden en oud-leden zijn gehouden tot onmiddellijke betaling van hun aandeel in een geraamd tekort, vermeerderd met vijftig procent (50%) of zoveel minder als de vereffenaars voldoende achten tot voorlopige dekking van een nadere omslag voor de kosten van invordering en van het aandeel van hen, die in gebreke mochten blijven aan hun verplichting te voldoen.
5. Een lid of oud-lid is niet bevoegd tot verrekening van zijn schuld uit hoofde van dit artikel.

Slotbepaling
Artikel 27
1. In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.
2. Onder "schriftelijk" wordt in de artikelen 7, 8 en 14 van deze statuten verstaan: per brief, per e-mail of door middel van een bericht dat via een ander gangbaar communicatiemiddel wordt overgebracht en op schrift kan worden ontvangen, mits de identiteit van de verzender met afdoende zekerheid kan worden vastgesteld.

LEGITIMATIE
De identiteit van de comparant, aan mij notaris, bekend, is door mij, notaris, aan de hand van het hiervoor vermelde en daartoe bestemde document vastgesteld.
WAARVAN AKTE is opgemaakt te IJsselstein op de datum die aan het begin van deze akte is vermeld.
Van deze akte heeft de comparant vooraf een concept ontvangen.
De inhoud van deze akte heb ik, notaris, aan de comparant zakelijk opgegeven en toegelicht.
De comparant heeft verklaard dat hij van de inhoud van deze akte heeft kennisgenomen en met beperkte voorlezing instemt.
Deze akte is vervolgens door mij, notaris, beperkt voorgelezen.
Onmiddellijk daarna is deze akte ondertekend door de comparant en mij, notaris.

Label